PRT Methode

PRT Methode

Van passief naar actief herstel Tegenwoordig wordt de mens zelf verantwoordelijk gesteld voor zijn eigen gezondheid. Waar de therapeut vroeger vooral aan het ‘behandelen’ was, wordt de functie van de therapeut meer en meer naar de rol van begeleider / coach gestuurd. Dit houdt niet in dat wij geen passieve revalidatie meer hanteren, maar gaan daar waar mogelijk zoveel mogelijk over op actief herstel. 
 

Verschil tussen passieve en actieve revalidatie 

Passieve maatregelen kunnen het herstel verbeteren. Herstel is echter een lichaamseigen en aangeboren proces en werkt alleen als de patiënt de juiste prikkels aan de betreffende structuur geeft. 
 
Actieve revalidatie wordt bepaald door de functionele analyse van mogelijkheden en onmogelijkheden van de patiënt. We trainen wat voor de patiënt als beperkend en storend wordt ervaren en hierdoor bereiken we dat:
 
  • het niveau van de functionele belastbaarheid hoger wordt
  • er een evenwicht in de specifieke belastbaarheid gebracht wordt

 

Belasting en belastbaarheid

De patiënt neemt actief deel aan de behandeling in de oefenprogramma’s van onze therapeuten. De belastbaarheden delen wij op in drie groepen.
 
  1. Algemene belastbaarheid (de algemene conditie in het aerobe systeem). Deze vorm bepaalt bij vele aandoeningen het niveau en de mogelijkheid te herstellen van een dagtaak en/of training.
  2. Functionele belastbaarheid (de motorische grondeigenschappen, kracht, snelheid, uithoudingsvermogen, coördinatie en flexibiliteit). Het verhogen van de functionele belastbaarheid betekent dat men activiteiten op een hoger niveau kan doorvoeren.
  3. Specifieke belastbaarheid (belastbaarheid van de structuur, bot, kapsel, banden). Deze training wordt doorgevoerd n.a.v. een functionele analyse waarbij de onmogelijkheden of problemen worden getraind.